In het juninummer van 2007 verscheen van de hand van Sietze de Vries, www.sietzedevries.nl een artikel over “Drie occasions van Steendam”
Eenverslag van een bezoek, samen met Jan Smelik www.smelik.net , gebracht aan drie recentelijk door orgelmaker Sicco Steendam herplaatste orgels binnen de GKV.
Bezocht werden de orgels van de Rehobothkerk te Ermelo, De Lichtbron te Lelystad en de Voorhof te Apeldoorn.
Met toestemming van de redactie van “Eredienst” plaatsen we het gedeelte over Lelystad op deze orgelpagina.
-“Eredienst” www.eredienst.com is een informatieblad voor liturgie en kerkmuziek en een uitgave van de Vereniging van Gereformeerde Kerkmusici.-
“
Voor de Gereformeerd-vrijgemaakte kerken heeft de toenemende kerksluiting in Nederland vooralsnog een positief gevolg: de laatste jaren komen er steeds meer interessante occasion-orgels binnen hun muren te staan.
In dit artikel aandacht voor drie instrumenten van verschillende bouwers, die als gemeenschappelijke noemer hebben dat ze dankzij orgelmaker Sicco Steendam in 2006 een nieuw leven zijn begonnen.
…
Lelystad
De zwarte kubus die we aantreffen op het adres van de GKV te Lelystad blijkt ' De Lichtbron' te heten. Deze naam wordt pas duidelijk als we de kerkzaal betreden: oogverblindend wit met veel ramen. Omdat de ruimte van harde materialen gemaakt is, blijken de akoestische eigenschappen in een lege kerk zeker muziekvriendelijk te zijn. Al ver voordat het gebouw in 2005 werd opgeleverd, was de orgelcommissie actief bezig een goed instrument te vinden. Van het Pels & van Leeuwen-orgel uit 1988, dat tot 2004 dienst deed in de oude kerk, was bij voorbaat al duidelijk dat het te klein zou zijn in het nieuwe, grotere gebouw. Dit instrument is inmiddels in de PKN 'De Voorhof' te Woudenberg geplaatst door orgelmaker Steendam. Al in 2001 was de orgelcommissie van Lelystad op het spoor gekomen van een orgel te Amstelveen; daar trof men in de Adventkerk een interessant Verschueren-orgel uit 1963 aan.
Voordat dit instrument in de nieuwe kerk te Lelystad geplaatst kon worden, waren er de nodige problemen te overwinnen. Zo was het forse orgelmeubel met Hoofdwerk, Rugwerk en een pedaaltoren, aan de grote kant voor de kerkzaal Uiteindelijk werd het orgel op een nieuwe sokkel geplaatst, waarin de eveneens nieuwe windvoorziening een plaats kreeg. De pedaaltoren werd iets dichter bij het Hoofdwerk geplaatst, waardoor er ook in de breedte ruimte gewonnen werd. De oorspronkelijke, erg krappe windvoorziening, die onderin deze pedaaltoren gesitueerd was, werd vervangen door een drietal nieuwe magazijnbalgen. Visueel is er nu een zeer bevredigend resultaat bereikt, mede door de zwart-wit-grijs kleurstelling van het geheel dat aansluit bij de kerkzaal.
Qua klank valt er veel moois te horen in 'De Lichtbron', vooral omdat het orgel blijkbaar destijds uit een ruime beurs gemaakt kon worden. Het dikwandige pijpwerk, dat chromatisch op de laden staat, oogt en klinkt robuust en logenstraft het vooroordeel dat 'neobarokke' orgels bij voorbaat scherp en dun klinken. Wel was het een goede beslissing om de Quint 1 1/3' en de Cimbel van het Rugpositief te vervangen door een Nasard 3' en een Terts 1 3/5', waardoor er nu een Sesquialter of een Cornet samengesteld kunnen worden. Omdat het Rugpositief in de huidige situatie erg dicht bij de kerkgangers gesitueerd is, zou met name de Cimbel waarschijnlijk onbruikbaar geweest zijn. Verder werden de Ruispijp en de Schalmei 4' van het Pedaal vervangen door een Octaaf 4' en een Basson 16'.
Om met deze laatste stem te beginnen: iemand die de geschiedenis van het orgel niet kent zou juist dit register als 'neobarok' bestempelen. Het register heeft nauwelijks grondtoon en houdt zeer slecht stemming. Bij nader onderzoek blijkt dan ook dat dit nieuwe register ongeveer de bekerlengte van een Dulciaan 8' heeft. Het zou de moeite waard zijn om te kijken of er niet meer plaats in de pedaalkast gerealiseerd kan worden (er staat immers geen windvoorziening meer onderin), zodat de Basson (of nog liever: een Bazuin!) dan de volle bekerlengte zou kunnen krijgen, waardoor er werkelijk iets toegevoegd wordt aan de orgelklank.
Het gemis van een goed tongwerk in het pedaal is des te sterker, omdat de Subbas ook al niet hee1 veel zoden aan de dijk zet. Ge1ukkig is het klankbeeld van de manualen veel positiever: krachtige prestanten, die in het Hoofdwerk een fraaie bekroning in de Mixtuur vinden. Van de fluiten wil ik met name de prachtige fluit 4' (open in de discant) van het Hoofdwerk, de karakteristieke Roerfluit 4' van het Rugwerk en de compleet open Nachthoorn 2' van het Rugwerk noemen. De hoofdwerktrompet is een juweeltje: een vlotte aanspraak en een indrukwekkende klank, mede door de wijde bekers.
Aan de speeltafel is de verhouding Rugwerk-Hoofdwerk slecht te horen: misschien een idee om een luikje of opening in de achterwand van het Rugwerk te maken? Ook hier valt het op dat er bij de speelaard op 'safe' gespeeld is: de ventielveren geven zoveel tegendruk dat het orgel behoorlijk zwaar speelt. Voordee1 daarvan is dat er niet zomaar hangers zullen optreden: de ventielen sluiten altijd. Opvallend is nog dat de aanduiding manuaal I en II bij zowel de koppels als de tremulanten omgekeerd gebruikt wordt; in mijn beleving wordt het onderste manuaal toch altijd aangeduid met I....
Al met al een indrukwekkend klinkend orgel, dat visueel een fraaie blikvanger in de kerkzaal is en auditief zeer berekend is op haar taak: het begeleiden van de gemeentezang.
…
Conclusie.
Orgelmaker Sicco Steendam heeft met zijn medewerkers zonder meer een drietal fraaie en goed bruikbare instrumenten aan het orgelpatrimonium van de GKV toegevoegd. In positieve zin wil ik met name het uiterlijk van de orgels noemen: in alle drie de gevallen is men tot een zeer bevredigende oplossing gekomen, die een meerwaarde aan zowel het instrument als het interieur van de kerk geeft. Op het gebied van toucher en windvoorziening zou er m.i. bij Steendam nog meer winst te behalen zijn.
Een felicitatie aan de betrokken gemeenten en aan de mensen die vaak jaren (al dan niet achter de schermen) voor deze resultaten gewerkt hebben.
“
Noot van de Orgelcommissie:
Het bezoek van Sietze de Vries vond plaats op 18 april 2007
Er waren toen al voorstellen gedaan door orgelmaker Steendam om het klankbeeld van het pedaal te verbeteren.
Dit is gerealiseerd op 22 en 23 augustus.
De pedaallade is op een hogere winddruk gebracht en de Basson is voorzien van andere –lichtere- tongen.
Tevens is het pedaal geherintoneerd. (noodzakelijk vanwege de hogere winddruk).
Dit alles heeft –in grondtonigheid, klank en aanspraak- een zeer bevredigend resultaat opgeleverd.