
Visie op het gemeenteleven van de Lichtbron,
de Gereformeerde Kerk (vrijgemaakt) te Lelystad.
Gemaakt door de kerkenraad in overleg met de gemeente.
Gecoördineerd door de coachgroep visievorming.
Lelystad, mei 2007
Downloaden visiedocument
Naar Werkdocument >
Inhoud
Woord vooraf
1 Inleiding
1.1 Visievorming
1.2 Hoe kwam de visie tot stand?
1.3 Dit visiedocument
1.4 Werkdocument
1.5 Dossier visievorming
2 Onze basis
2.1 Inleiding
2.2 Basislijnen
3 Onze visie
3.1 Inleiding
3.2 Huidige situatie
3.3 Ons toekomstbeeld
3.4 Doelen voor het gemeenteleven
3.5 Motto
4 Aan het werk
4.1 Inleiding
4.2 Eredienst
4.3 Gemeentegroepen
4.4 Lichtbron als ontmoetingsplek
4.5 Hulpstructuren
4.6 Emmaüscursus
4.7 Jeugdwerk
4.8 Geleidelijke invoering
5 Benodigd voor uitvoering
5.1 Inleiding
5.2 Meewerken
5.3 Bidden
Naar boven
WOORD VOORAF
Voor u ligt een visieplan voor onze gemeente. Dit plan wil graag richting geven aan de activiteiten van onze gemeente voor de komende jaren.
Deze visie is tot stand gekomen door samenwerking van kerkenraad, gemeenteleden en coachgroep visievorming. Het is onderdeel geweest van een bezinningsproces wat startte in januari 2006 en wat hiertoe leidde. Velen hebben een waardevolle bijdrage geleverd aan het hele proces. We hopen dat daardoor dit plan binnen de gemeente veel draagvlak zal krijgen.
De visie straalt een bepaald verwachtingspatroon uit. Er wordt een beginsituatie beschreven en er worden verwachtingen uitgesproken over waar we uit zouden willen komen. Er worden doelen gesteld en middelen beschreven om de doelen te bereiken. Dat klinkt allemaal heel groots alsof we alles wel naar onze hand zouden kunnen zetten. Echter, al het werk in de gemeente is iets dat gebeurt in afhankelijkheid van de zegen van onze God. Dat betekent dat we zoeken naar mogelijkheden die de Heer ons geeft met een open bijbel, in gebed en in gesprek met elkaar. Daarbij mogen we heel verwachtingsvol zijn en mogen we ook een bepaalde ambitie hebben. De Heer heeft ons veel gaven gegeven. Die mogen we inzetten en ontplooien. Dat gaat bepaald niet vanzelf, er is wel inzet in de vorm van tijd en geld voor nodig. Tegelijkertijd mag het heel ontspannen zijn. We weten immers dat we door onze Heer Jezus Christus geheiligd en gered zijn. Door onze verlossing in Christus leren we God weer kennen zoals Hij is. Onze blijdschap in Hem groeit naarmate we Hem steeds beter leren kennen en Zijn liefde meer en meer ervaren. De overstromende blijdschap in God is onze belangrijkste motivatie om aan het werk te zijn in de gemeente en in de samenleving om ons heen. We willen God alle eer geven door iedere dag van Hem te genieten. We laten dat zien door Christus te volgen en Zijn liefde uit te stralen.
Dat alles vindt z’n weerslag in het motto waarmee we deze visie hebben samengevat: “In Christus, verbonden met elkaar, betrokken op de wereld”. In dit document staat te lezen wat we hieronder verstaan en hoe we daar aan willen gaan werken.
We hopen dat dit plan zal beantwoorden aan de wens om te komen tot een samenhangende toekomstvisie en dat het leidt tot opbouw van de gemeente en vooral tot eer van God.
Lelystad, mei 2007
De Kerkenraad
Naar boven
1. INLEIDING
1.1 Visievorming
De vraag ‘Wat kun je met een visie?’ werd geregeld gesteld tijdens het visievormingsproces in 2006. Dat was geen vreemde vraag, want zeker in het begin was niet duidelijk hoe de uiteindelijke visie eruit zou gaan zien. Maar gaandeweg werd deze vraag minder gesteld, vooral toen de fase bereikt werd waarin de plannen duidelijker werden.
Het proces van visievorming is niets anders dan vormgeven aan de wens om een gemeente van Jezus Christus te zijn. Om een gemeente te zijn in woord en daad, in deze tijd, in deze samenleving en naar Gods bedoeling.
We sluiten nu wel een periode af waarin we aan een visie hebben gewerkt maar het denken over visievorming is nooit af en kan ook nooit af zijn. Ook al ligt er nu een document met plannen, laten we vooral niet stoppen met nadenken over onze taak en opdracht. Aan de andere kant is de visie zoals die er nu ligt, wel een kader waarbinnen we de komende jaren gaan werken.
Deze visie geldt voor de komende zes jaar. Periodiek zal de voortgang geëvalueerd worden. Na drie jaar zal er een uitgebreide evaluatie zijn. Mocht het nodig zijn dan kan de visie op dat moment herzien worden. Na zes jaar zal er een nieuw plan geschreven worden.
1.2 Hoe kwam de visie tot stand?
Voor visievorming werd ruim een jaar uitgetrokken. In het jaar 2006 werd tijd genomen voor bezinning en studie onder coördinatie van de coachgroep visievorming. Deze studie en bezinning richtte zich op de vier functies van de kerk, te weten de verkondigende, pastorale, diaconale en missionaire functie. Deelnemers hieraan waren de kerkenraad en de gemeente. De kerkenraad nam steeds het voortouw en wanneer de kerkenraad een stap vooruit had gemaakt kreeg de gemeente de gelegenheid om op het resultaat daarvan te reageren. De kerkenraad op zijn beurt, verwerkte de reacties uit de gemeente. Dit leidde ertoe dat de kerkenraad in december 2006 een concept-visie aan de gemeente kon presenteren. In het voorjaar van 2007 werkten kerkenraad en coachgroep visievorming verder aan de afronding van de plannen.
1.3 Dit visiedocument
Het resultaat van de bezinning is verwerkt in dit visiedocument. Het is als het ware gegroeid onder onze handen in de loop van de tijd. In het kort omschreven bevat het visiedocument de volgende hoofdstukken:
Hoofdstuk 2 bevat het resultaat van de bezinning in het voorjaar van 2006 over de basislijnen voor het gemeenteleven.
Hoofdstuk 3 beschrijft ons toekomstbeeld en geeft de doelen weer voor het gemeenteleven. Dit werd in oktober 2006 besproken in de gemeente.
Hoofdstuk 4 beschrijft de gewenste eindsituatie van de visie, gepresenteerd in december 2006 aan de gemeente.
Hoofdstuk 5 bepaalt de gemeente bij een eendrachtige inzet en gebed.
1.4 Werkdocument
Dit visiedocument bevat de hoofdlijnen van de visie. Het toekomstbeeld is hierin uitgewerkt plus de doelen voor de komende jaren. Tevens zijn de middelen globaal aangegeven. Bij dit visiedocument is een werkdocument gemaakt >. Hierin zijn de middelen uit het visiedocument en de invoering daarvan verder uitgewerkt. De inhoud van het visiedocument staat vast, de inhoud van het werkdocument kan aangepast en gewijzigd worden in de loop van de tijd. Een up-to-date versie van het werkdocument is te downloaden vanaf www.pauwenburg.nl of op aanvraag te verkrijgen.
1.5 Dossier visievorming
Deze visie is het resultaat van een gemeentebrede bezinning en studie. Het eindresultaat is opgeschreven in dit document. Onderliggende documenten zoals voorstellen van de kerkernaad plus verslagen van gemeentevergaderingen en wijkavonden zijn te vinden in het dossier visievorming op www.pauwenburg.nl
Naar boven
2. ONZE BASIS
2.1 Inleiding
In de gemeente worden allerlei activiteiten verricht bijv. het brengen van huisbezoeken door ambtsdragers of heel praktisch, het schoonmaken van de kerk door onze kosters. Zo zijn er tal van activiteiten in de gemeente waar vele gemeenteleden bij betrokken zijn. Maar wat is de basis voor al dit werk? Wat is de motivatie voor al die gemeenteleden om zich in te zetten?
Achter deze vraag gaan weer nieuwe vragen schuil. Vragen die de kern van het geloofsleven en onze identiteit raken. Niet alleen over inzet in de kerk, maar over wie we zijn en wat onze diepere drijfveren zijn. Die gaan over wat het betekent om kind van God te zijn, om gered te zijn door Jezus Christus en vernieuwd te zijn door de Heilige Geest. Kortom, heel basale vragen over ons denken en handelen die van belang zijn als basis voor ons geloofsleven en dus ook voor onze visie. Om die basis scherp voor ogen te houden hebben we de volgende basislijnen opgesteld.
2.2 Basislijnen
Basislijn 1: Samen meer gericht zijn op de eer van God
Ik wil God in alles de eerste plaats geven. Ik wil Hem prijzen om Zijn grootheid, liefde en genade.
Ik geloof dat Hij mijn leven meer glans en kracht geeft als ik echt gericht ben op Hem.
Daarom wil ik doen wat Hij van me vraagt: luisterend en biddend leven voor Hem. Mijn hele leven, met woorden en daden, mag één grote aanbidding zijn van Hem.
Daarvoor heb ik het nodig om God meer te kennen, uit de bijbel en ook uit de schepping (het boek van de natuur). Dat kan ik niet alleen. Samen met anderen wil ik groeien in kennis, verwondering en aanbidding.
Basislijn 2: Samen groeien in besef dat we alleen leven als Jezus Christus in ons leeft
Ik wil groeien in de erkenning dat ik zelf vaak fout zit en dat ik alleen kan leven uit de genade van Christus. Ik kan het niet zelf, en dat hoeft ook niet. Jezus Christus doet alles in mij. Ik mag geloven dat ik in Hem een ander mens ben, bevrijd van de zonde.
Samen met anderen wil ik daarvoor openstaan: dat Christus in mij groeit.
Basislijn 3: Samen meer merkbare verandering verwachten door de Geest van Jezus
Ik geloof dat de Geest van Jezus mij en anderen echt veranderen wil. God liefhebben, mijn medemens liefhebben – het blijven geen mooie woorden, maar ik ga het steeds meer in praktijk brengen. Dingen die God niet wil, kan ik steeds meer loslaten. M’n leven verandert. Niet uit mezelf. Christus heeft mij zijn Geest beloofd en van zíjn kracht mag ik grote dingen verwachten.
Daarom wil ik mij ervoor inzetten dat dit in de praktijk merkbaar is. Daar heb ik anderen bij nodig, en ik wil er anderen bij helpen.
Naar boven
3. ONZE VISIE
3.1 Inleiding
In hoofdstuk 2 hebben we de basis onder de visie omschreven, in dit hoofdstuk werken we onze visie uit. Daarvoor vertellen we allereerst hoe we de huidige situatie zien. Vervolgens zeggen we hoe we ons toekomstbeeld zien. Daarin wordt beschreven wat voor gemeente we graag willen zijn. Verder worden in dit hoofdstuk de doelen beschreven. Daaronder verstaan we de tussenstappen die we willen zetten om van de huidige situatie naar het toekomstbeeld toe te werken.
Als hulpmiddel bij de uitwerking van onze visie maken we gebruik van een model waarin de aandachtsgebieden voor het gemeenteleven omschreven staan (zie figuur).

3.2 De huidige situatie
1 Woord-Intern: prediking en pastoraat
We ervaren de Woordverkondiging op zondag als goed. In erediensten houden we regelmatig rekening met kinderen of met gasten. Van gaven van gemeenteleden (bijv. muzikale) maken we gebruik. Op zondagochtend zijn we met velen in de kerk, ’s middags blijven er een heel aantal van ons thuis.
Het verlangen leeft breed onder ons de Heer te dienen. Er leeft ook de wil om er met elkaar over te praten. Echter, deelname aan reguliere bijbelstudie in de gemeente is er te weinig, we stimuleren elkaar ook amper daartoe. Het aantal studiegroepen is ‘krap’, een overzicht van de groepen ontbreekt. Aansluiting bij dergelijke groepen kost daardoor moeite, vooral voor nieuwe gemeenteleden. Er is twijfel over hoeveel wordt gedaan aan individuele bijbelstudie. We praten met elkaar over de betekenis van de bijbelse boodschap voor het dagelijks leven, maar dat kan meer. De grootte van de gemeente en de wijken is belemmerend voor de persoonlijke contacten.
2 Daad-Intern: diaconie
Er is veel liefdevol omzien naar elkaar, in woord en daad. We staan snel klaar om te helpen in crisissituaties maar kunnen het maar moeilijk volhouden. Er is eenzaamheid in de gemeente. Gemeenteleden vinden het moeilijk hulp te vragen en weten vaak niet waar hulp te bieden. Er zijn verschillen in de mate waarin iemand zich thuisvoelt in de gemeente. Groepen ouderen en de jeugd zijn volgens sommigen niet altijd voldoende in beeld.
3 Kwadrant Daad-Extern: externe hulpverlening
Extern diakonale activiteiten zijn meestal op basis van samenwerking met andere kerken (Interkerkelijk Diakonaal Overleg (IDO) / Stichting Tsjernobylkinderen). Het betreft vooral initiatieven van persoonlijke aard.
4 Kwadrant Woord-Extern: evangelisatie en zending
We zien in onze gemeente veel te weinig van het volgen van de missionaire opdracht terug. Wel worden evangeliserende activiteiten ontplooid, maar gemeentebreed is er weinig medewerking. Zending en evangelisatie leven niet sterk bij een groot deel van de gemeente. In hoeverre gemeenteleden in persoonlijke relaties evangeliserend actief zijn is onvoldoende bekend.
3.3 Ons toekomstbeeld
Wat voor gemeente willen we graag zijn?
• God wil met ieder van ons een levende relatie. Al biddend, luisterend, eer en lof gevend, gaven ontvangend wil een ieder ook in die relatie met Hem leven.
• In onze gemeente zijn de samenkomsten gericht op de eer van God en op het groeien in het samen liefhebben van God.
• In onze gemeente zijn we gelovig gericht op Christus en eensgezind. We betonen onze liefde doordat iedereen z’n steentje bijdraagt - ieder op en vanuit een eigen plek: zo vormen we samen het lichaam van Christus.
• Onze liefde is ook buiten de gemeente te zien; in onze stad en in onze wereld. Anderen zien dat door onze diaconale en getuigende opstelling.
3.4 Doelen voor het gemeenteleven
Met dit toekomstbeeld voor ogen willen we ons de komende jaren graag inzetten voor en groeien in:
1. Woord-Intern: prediking en pastoraat
• Betrokkenheid kerkleden bij erediensten. (Zowel praktisch als geestelijk bij voorbereiding en uitvoering erediensten.)
• Geloofs- en bijbelkennis (persoonlijk en in groepen).
• Pastoraat (door ambtsdragers en onderling).
• Verwerking van de bijbelse boodschap en het zich eigen maken ervan.
• Gebedsleven (persoonlijk en in groepen)
2. Daad-Intern: diaconie
• Onderlinge betrokkenheid (op thema’s eenzaamheid en zelfredzaamheid).
• Mensen er bij betrekken die er zelf niet bij betrokken willen of (uit zich zelf) kunnen zijn.
3. Daad-Extern: externe hulpverlening
• Hulpaanbod aan mensen buiten onze kerk.
4. Woord-Extern: evangelisatie en zending
• Verkondiging aan mensen buiten onze kerk.
We zijn ons er van bewust dat ieder doel uit deze lijst niet op zichzelf staat. Samen versterken ze elkaar en vormen één geheel. Wanneer één van de onderdelen te weinig aandacht krijgt dan komen de andere doelen minder uit de verf. We willen daarom graag aan al deze doelen werken zodanig dat ze elkaar versterken.
3.5 Motto
Bij dit alles hebben wij een motto gekozen. Dat ons kan helpen herinneren aan en motiveren voor de richting die we met deze visie samen inslaan, namelijk:
In Christus,
verbonden met elkaar,
betrokken op de wereld.
Die motto valt op te splitsen in 3 onderdelen. Allereerst dat we ‘In Christus’ zijn. Verder dat we aan elkaar verbonden zijn en tot slot dat we betrokken zijn op de wereld. Die onderdelen zijn herkenbaar vanuit ons toekomstbeeld en de doelen. Ze vormen zo een goede samenvatting van de visie.
Naar boven
4. AAN HET WERK
4.1 Inleiding
Dit hoofdstuk beschrijft heel summier de middelen die bepalen hoe de gemeente er straks uit kan zien. Daar zit wel een beperking aan: het gaat hier alleen om de structuren waar in we als gemeenteleden elkaar ontmoeten en met elkaar bezig zijn. Bovendien zijn niet alle structuren besproken en beschreven. Zo niet bijvoorbeeld de catechisaties.
In het "Werkdocument:Kerk in Uitvoering” is één en ander uitgebreider beschreven. De invoering van deze structuren en de opheffing van de oude, zal geleidelijk gaan, zodanig dat we doen wat we aankunnen en nodig vinden. In het werkdocument is ook daaraan aandacht besteed.
Achter de titel van de paragrafen (gewijd aan de diverse middelen), is aangegeven op welk aspect van het gemeenteleven (zie ook 3.3) het beschreven middel ingrijpt.
4.2 Werkgroep Eredienst (woord-intern, woord-extern)
Erediensten zijn een belangrijke constante in ons gemeenteleven. Daar ontmoeten we God en elkaar. Daar ontmoeten we ook gasten. Om aan het eredienstkarakter en het ontmoetingskarakter een zo rijk mogelijke invulling te geven (wat soberheid niet in de weg hoeft te staan) komt er één werkgroep. We denken als opdracht te formuleren
• het bij de tijd houden van erediensten (aansluiting bij de gemeenten en de samenleving van nu)
• het regelmatig toespitsen van erediensten op bepaalde groepen in en buiten de gemeente
• het voorbereiden van erediensten met uiteenlopend karakter en
• het inschakelen van de gaven van gemeenteleden.
4.3 Gemeentegroepen (woord-intern, woord-extern, daad-intern, daad-extern)
De gemeente komt in kleine groepen van bijvoorbeeld 10 gemeenteleden bijeen voor bijbelstudie en gebed en om door te spreken over wat het betekent om volgeling van Christus in deze wereld te zijn. In gemeentegroepen ondersteunen gemeenteleden elkaar in het geven van vorm en inhoud aan hun leven. Veiligheid binnen de groepen is belangrijk. Er moet onderling vertrouwen zijn. Deelname wordt van alle gemeenteleden verwacht. Er zijn echter geen verplichtingen voor wat bijvoorbeeld betreft het zich uiten en het deelnemen aan gebed. Het is de bedoeling om samen te groeien in geloof.
4.4 Lichtbron als ontmoetingsplek (woord-extern, daad-intern, daad-extern)
De Lichtbron willen we inschakelen als ontmoetingsplek voor gemeenteleden en niet-gemeenteleden. Daar kunnen diverse activiteiten aan verbonden worden.
4.5 Hulpstructuren (daad-intern, daad-extern)
Hulpstructuren zijn bedoeld om de interne en externe diaconale houding van de gemeente(leden) te versterken. Dit kan vorm krijgen in één, eventueel meer, steunpunt(en) voor vrijwilligerswerk, mantelzorg en maatschappelijke hulpverlening. Doelen:
• vrijwilligers en mantelzorgers enthousiasmeren, voorlichten, verwijzen en ondersteunen om hun vrijwilligerswerk, nieuw en bestaand, als christen te doen.
• gemeenteleden en anderen die deels afhankelijk zijn van steun door een hulporganisatie, gemeente, vrijwilligers of mantelzorgers, helpen de weg te vinden in de complexe wereld van steunaanvragen
• daadwerkelijke hulp bieden aan mensen die dat niet zelf kunnen organiseren of betalen. Te denken valt aan de oprichting van een stichting Present. Stichting Present richt zich op het helpen van mensen met het uitvoeren van kleine klussen.
• bezinnen en inspelen op de mogelijkheden van maatschappelijke ontwikkelingen. De Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO), sinds 1 januari 2007 van kracht, stimuleert kerken een bijdrage te leveren aan het bestrijden van noodsituaties. Hoe willen wij dat oppakken?
De coördinatie kan bij de diaconie liggen. De uitvoering kan samen met of in overleg met andere kerken gebeuren.
4.6 Emmaüscursus (woord-intern, woord-extern)
De Emmaüscursus is een pakket (studie)materiaal bedoeld om gemeenten en christenen te helpen met het leggen van contacten met mensen buiten de kerk en het begeleiden van hen die op zoek zijn naar het geloof. Ook kan het gebruikt worden om christenen tot groei en verdieping van het geloof te brengen.
4.7 Jeugdwerk
Hoewel de jeugd geen aparte positie inneemt binnen onze gemeente, ze is evenals alle andere leeftijdsgroepen onderdeel van de gemeente, is het belangrijk om ervoor te zorgen dat de jeugd zich thuis weet en voelt in de gemeente. Specifieke aandacht is dus op z’n plaats. Om ervoor te zorgen dat de jeugd de benodigde aandacht krijgt, wordt door de jeugdraad op basis van dit visiedocument een visie op het jeugdwerk geformuleerd. Hierin wordt beschreven op welke wijze de jeugd een plaats heeft binnen in dit visiedocument beschreven structuren, zoals gemeentegroepen. Verder worden activiteiten en aandachtspunten in samenwerking met de jeugd ontwikkeld.
4.8 Geleidelijke invoering
Niet alle middelen kunnen in één keer ingevoerd worden. We beginnen het nieuwe seizoen met een traject van bewustwording en vormgeving (of ontwerp) van de middelen. De tijd die daarvoor nodig is, kan per middel variëren. Voor 2007-2008 wordt niet voorzien in de instelling van gemeentegroepen, behalve wellicht in de vorm van een proef. Nadat deze eerste fase is afgerond kan ook de invoering geleidelijk of ineens plaatsvinden.
Naar boven
5. BENODIGD VOOR UITVOERING
5.1 Inleiding
Een gemeente van Christus zijn. Dat was de wens om deze visie te gaan maken. Dat zal ook de drijfveer zijn om het plan uit te gaan voeren. In dit hoofdstuk wordt beschreven wat de kerkenraad daarvoor nodig acht.
5.2 Meewerken
Dit visieplan is allereerst een vraag om hier samen achter te gaan staan. Er is gestreefd naar een pakket van doelen en middelen wat op elkaar aansluit en elkaar versterkt. Nu wordt van u gevraagd om de plannen als personen, als groepen en commissies binnen de gemeente op elkaar aan te laten sluiten, om agenda’s op elkaar af te stemmen, om thema’s met elkaar door te werken.
Vervolgens wordt van u gevraagd om u er voor in te zetten. Dit visieplan staat of valt met de bereidheid van gemeenteleden om er aan te gaan werken. Plannen maken is over het algemeen niet zo moeilijk. De uitwerking ervan is echter complexer en vraagt inzet en betrokkenheid van ieder persoonlijk. De kerkenraad vraagt u daarom zich er persoonlijk verantwoordelijk voor te voelen. En die taken en verantwoordelijkheden op u te nemen die op uw pad komen. Daarbij is het ene type werkzaamheden niet meer of minder dan het andere. Vergaderwerk en klussenwerk zijn beide nodig. Blijf dus niet aan de kant staan, maar laat u inzetten met de gaven die God u gegeven heeft. De kerkenraad stelt zich beschikbaar om met u door te praten waar u het beste inzetbaar zou kunnen zijn.
Tot slot willen we u vragen dit ook eendrachtig en in goede samenwerking te doen. Het is de wens van de kerkenraad om op een voor elkaar stimulerende wijze aan deze visie te gaan werken. Dan kunnen we samen groeien in geloof, in dienstbaarheid en in ons functioneren onderling en naar buiten toe.
5.3 Bidden
Aan het eind van dit visieplan noemen we het gebed. Niet omdat het gebed het minst belangrijk is, maar omdat het gebed het meest belangrijk is. Ons gemeente-zijn hangt af van Zijn zegen en Zijn zegen mogen we verwachten als goede plannen, goede samenwerking en inzet gebeuren in samenhang met voortdurend gebed.
We hebben het nodig dat we samen bidden in de kerk tijdens de diensten, thuis, in kringverband of tijdens vergaderingen. Om ons telkens weer te bepalen bij onze afhankelijkheid van Hem, die Zijn gemeente bouwt. Om op Gods beloften te pleiten en om Hem te prijzen voor Zijn trouw en goedheid.
Naar boven